Zaaglab

ZaaglabHandleiding › De kastontwerper

Hoofdstuk 12

De kastontwerper

Van kastmaat naar onderdelenlijst: kasttype kiezen, maten invullen, vakken indelen, en de constructie bepalen.

Waarom je hem wilt gebruiken

Je kunt elk onderdeel met de hand intikken. Maar bij een kast betekent dat: elke keer dat je één maat verandert, alle andere maten opnieuw uitrekenen. Twee zijkanten worden korter, de planken worden smaller, de achterwand klopt niet meer.

In de kastontwerper geef je de buitenmaat op en teken je de indeling. De onderdelenlijst volgt daaruit, en blijft kloppen als je iets verandert. Je ziet de kast in aanzicht terwijl je werkt.

Je opent hem met het tabblad Kastontwerp bovenin.

Een kasttype kiezen

Je begint met een type. Dat is geen keurslijf: het bepaalt alleen waar je begint, en daarna verander je alles wat je wilt.

Boekenkast
Open vakken, verstelbare planken
Kast met deuren
Romp, 1-2 deuren, planken
Garderobekast
Roede + legborden, optionele lades
Ladekast
Romp met meerdere laden
Tv-meubel / dressoir
Laag en breed, deuren en lades
Keuken onderkast
600 breed, sokkel, lade + deur
Keuken bovenkast
Ondiep, deuren, legborden
Wand- / badkamerkast
Smal, deur(en), planken
Roomdivider
Open vakkenraster, dubbelzijdig
Zolderkast
Recht deel + schuin aflopend, links of rechts

De maten van de kast

Hoogte
De buitenmaat van boven naar onder, inclusief de sokkel.
Breedte
De buitenmaat van links naar rechts, dus inclusief de dikte van beide zijwanden.
Diepte
Van voor naar achter. Deuren komen daar meestal nog voor; de kast wordt dus iets dieper dan dit getal.
Dikte
De plaatdikte van de romp. 18 mm is gebruikelijk voor een kast die iets moet dragen.
Materiaal
Het plaatmateriaal. Wil je fronten van iets anders, dan kun je dat per onderdeel zetten; er verschijnt dan Gemengd.
Tip Meet de ruimte waar de kast komt op drie hoogtes en neem de kleinste maat. Muren zijn zelden haaks, en een kast die twee millimeter te breed is, krijg je er niet in.

Vakken indelen

Tik een vak in de tekening aan. Rechts verschijnt wat je aan dat vak kunt toevoegen: Voeg toe aan dit vak:

+ Plank
Een horizontale plank; het vak wordt in tweeën gedeeld.
+ Schot
Een verticaal tussenschot; het vak wordt naast elkaar gedeeld.
+ Lade
Een lade in dit vak. Zie Laden, deuren en beslag.
+ Deur
Een deur voor dit vak. Tik een aangrenzend vak erbij voor één deur over meerdere vakken.
Roede
Een kledingroede in dit vak, met de houders erbij op de boodschappenlijst.
Leeg maken
Alles uit dit vak halen, maar het vak zelf houden.
Verwijder vak
Het vak zelf weghalen; het buurvak wordt groter.

Hoe de planken over de hoogte verdeeld worden, kies je met Verdeling: Gelijk maakt alle vakken even hoog, Oplopend maakt ze naar onderen toe hoger (handig voor boeken), en Handmatig laat je elk vak zelf instellen onder Planken fijn afstellen.

Per plank kies je in het balkje op pennen (verstelbaar) of vast (tegen de zijwanden). Vast is precies de vakopening; op pennen is per kant deze speling smaller.

De constructie

Onder de maten staan de keuzes die bepalen hoe de kast in elkaar zit. Ze veranderen de onderdelenlijst echt, niet alleen de tekening.

Achterwand
Opdek legt een plaat tegen de achterkant, In groef laat hem in een groef lopen (netter en stijver), en Geen laat hem weg. Een kast zonder rug kan scheef zakken.
Sokkel
Hoogte van de terugliggende voet. 0 = geen sokkel. Zijwanden door tot de grond, of de onderplaat doorlopend met de zijkanten erop.
Achterregels
Smalle dwarsregels achterin, van hetzelfde plaatmateriaal. Ze houden de zijwanden op afstand en geven je iets om aan de muur te schroeven. Ze nemen het scheefzakken niet weg; daarvoor is een achterwand in groef of vastzetten aan de muur nodig. Inleggen: tussen de zijwanden. Staan er tussenschotten, dan komt er per vak een eigen stuk, want de regel kan er niet doorheen. Opleggen: tegen de achterkant over alles heen, één stuk zo lang als de buitenmaat.
Nerfrichting
Mooie nerf houdt de houtnerf per paneel aan; minste afval laat panelen vrij draaien (op nerfloze platen zoals melamine gebeurt dat sowieso al).

Bij een zolderkast komen er twee velden bij: Eén zijde op volle hoogte, de andere lager met een schuin dak. Planken blijven waterpas en worden in het schuine deel korter. De hoogte aan de lage zijde (de volle hoogte staat bij Hoogte). En Breedte van het volle-hoogte deel aan de hoge zijde; daar begint het schuine dak. 0 = volledig schuin.

De stabiliteitscheck

Onder Stabiliteit kijkt de tool mee of je ontwerp houdt wat het belooft. Je geeft op hoe zwaar de planken belast worden: Licht, Gemengd of Boeken.

Is er niets aan de hand, dan staat er Stabiel ontwerp. Anders krijg je een concrete waarschuwing, zoals een plank die kan doorbuigen, een kast die zonder rug scheef kan zakken, of een hoge kast die aan de muur verankerd moet worden.

Let op Bij deze hoogte is er kantelgevaar. Schroef de bovenkant aan de muur, in de stijlen, niet aan het dunne rugpaneel.

Naar het zaagschema

Klaar met ontwerpen? Ga naar het tabblad Zaagschema. Je onderdelen staan er al, met de namen die de kast eraan gaf. De platenlijst is ook al aangevuld; die staat dan met het merkje voorstel.

Onderdelen die uit de kast komen kun je niet los hernoemen: ze horen bij een vak in het ontwerp. Verander je iets in de kast, dan lopen ze mee.